De harde slaapmat, mijn pijnlijke been en de indrukwekkende woorden van de monnik, zorgden voor een slapeloze nacht. Ik stond de volgende ochtend brak op met heel veel pijn.

Helaas moest ik vanwege mijn been ook afscheid nemen van mijn twee grappige Spaanse vriendinnen. Ik ging alleen op pad en bij elke stap voelde ik een fikse pijnscheut in mijn rechter onderbeen. Maar ik liet me niet kennen en probeerde in een redelijk tempo te lopen.

Ik passeerde een andere pelgrim…keek naar links en zag plotseling dat dit de zakenman annex acupuncturist was. Raar…hij liep heel langzaam en op blote voeten. Hij keek mij aan met zijn intens blauwe ogen en vroeg hoe het met mijn been ging. Ik zei behoorlijk geïrriteerd en ondankbaar: slecht…jouw behandeling heeft niets geholpen. Hij antwoordde daarop:

‘wandel langzamer en vertraag, probeer eens op blote voeten te lopen’

Naar zijn zeggen zou dit andere drukpunten in mijn voet activeren en verlichtend werken voor mijn been. Dit klonk echt belachelijk! Hier kon ik helemaal niets mee. Ik wilde hier ook niets van weten. Ik bedankte hem voor zijn advies en liep versneld verder ondanks de pijn.

Tot nu toe had ik totaal geen fysieke klachten gehad, zelfs geen enkele blaar. Dus ik mocht echt niet klagen. Maar deze scheenbeenblessure kende ik niet en was heftig aanwezig bij elke stap voorwaarts. Ziels alleen en vol in pijn liep ik verder. Ik zag niets van de omgeving, keek alleen op het wandelpad en zag plotseling

mijn eigen schaduw

Ik zag een mank lopend silhouet. Dat was ineens confronterend. Ik kon niet ontsnappen aan mijn eigen schaduw. Maar ik had toch geen issues? En wat betekenden die woorden van de monnik:

‘the pain in your body represents the pain in your life’

Had ik toch moeten luisteren naar al die goed bedoelde adviezen? Had ik vooraf moeten trainen? Of had deze pijn een totaal andere betekenis? Plotseling ging mijn telefoon in mijn rugzak. Dit was nog niet eerder gebeurd en klonk ook zo raar...

alsof er werd gebeld vanuit een andere wereld

Automatisch stopte ik om de telefoon uit mijn rugzak te halen. Hoezo eigenlijk…ik wilde toch niet gebeld worden? Maar ik kon het toch niet laten. Een gemiste oproep van één van mijn zussen met een bericht. Zij gaf aan dat het thuisfront erg bezorgd was omdat ik al heel lang niets meer van me had laten horen. Mijn moeder sliep hierdoor heel slecht.

Oeps…ik schrok…ik zat zo in mijn avonturen dat ik daar totaal niet aan gedacht had. Het raakte me enorm, de tranen stroomden over mijn wangen. Ik zat goed stuk, voelde de pijn van mijn been en had ineens heimwee naar thuis.

Ik had zo’n fijne en warme familie, ik wilde hen niet onnodig ongerust maken. Zij waren natuurlijk ook niet blij toen ik vertelde dat ik alleen op pad ging naar Santiago. Maar ja, overal kon iets gebeuren, dan zou je nergens meer heen kunnen. Ik wilde me niet laten beïnvloeden door angsten.

Ik besloot verder te gaan en niet meer in de pijn te blijven hangen. Ik keek weer om me heen en zag hoe prachtig het wandelpad was, vol met wilde bloemen. Plotseling zag ik twee vlinders die achter elkaar aan vlogen. Steeds opnieuw dook er weer een ander koppel vlinders op, niet één maar steeds twee bij elkaar, bijzonder fraai!

het leek alsof de vlinders mij iets duidelijk wilden maken, geen idee wat

Het was doodstil op het wandelpad totdat ik werd ingehaald door een vreemde man. Hij trok aan een langwerpige bagagekar met twee grote tassen erop. Het zag er wat vreemd uit. Niemand had een kar bij zich. Altijd een rugzak. Of iets wat daarop leek. Ineens dacht ik aan miss Kiwi met haar flower power tas….jeetje, hoe zou het met haar zijn? Ik had haar al heel lang niet meer gezien. En ook de dutchies waren al een tijd verdwenen.

Even later passeerde ik opnieuw deze man. Hij zat nu aan de zijkant van het pad. Ik kreeg geen fijn gevoel bij dat hele tafereel. Wat moest deze man?

was hij wel een echte pelgrim?

Hij zag er zo anders uit dan alle andere pelgrims. Licht paniekerig keek ik om me heen. Tot mijn grote geluk zag ik in de verte een wandelaar naderbij komen. Gelukkig…het is een dame. Ze oogde Italiaans of Spaans. Ook zij liep heel erg langzaam, ze strompelde wat. Wij passeerden elkaar tot drie keer toe.

Uit angst voor deze rare man, maar ook uit nieuwsgierigheid naar deze dame, sprak ik haar eindelijk aan. Ik vroeg waarom ze zo langzaam liep. Zij glimlachte en dacht precies hetzelfde over mij:

‘why did she walk so slowly, that blonde lady with her big legs?’

Ik schoot enorm in de lach. Big legs? I hope you meant ‘long legs’? We lachten allebei. Zij vertelde mij dat ze een scheenbeenblessure had aan haar rechterbeen…dit was te bizar. Toen ik haar precies hetzelfde vertelde over de scheenbeenblessure aan mijn rechterbeen, kwamen we niet meer bij en ploften we al lachend op de grond.

Samen liepen we al strompelend en babbelend verder. Zij vroeg of ik met haar meeging naar Agés, twee dorpen verderop. Daar was geen medische post of apotheek, maar wel een Spaanse man die haar been al eerder had verzorgd. Hij zou mij ook kunnen helpen. Ik keek er naar uit en genoot intens van deze bijzondere ontmoeting op het pad.

Lees nu Santiago 11 en straks het hele boek

Klik hier en ontvang ook gratis wandelblogs!

Share This

Follow Us